Wie kan beschrijven hoe groot het geklaag en geween zal zijn dat zal opstijgen wanneer op de grens van de tijd en de eeuwigheid de rechtvaardige Rechter Zijn stem zal doen horen en verkondigen, “Het is te laat.”
Lang hebben de wijde poorten van de hemel opengestaan, en hebben hemelse boodschappers de uitnodiging gegeven, “Kom! En wie dorst heeft, kome, en wie wil, neme het water des levens om niet.“ (Openbaring 22:1). “Vandaag, wanneer u Zijn stem hoort, verhardt dan uw harten niet” (Hebreeën 3:14). Maar uiteindelijk wordt de opdracht gegeven: “Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog vuiler; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd” (Openbaring 22:11).
De hemelse poorten sluiten, de uitnodiging om Gods verlossing aan te nemen houdt op. In de hemel wordt gezegd, “Het is volbracht.” Deze tijd is niet meer veraf en wat ons persoonlijk leven betreft kan het nog dichterbij zijn, want we weten niet wanneer onze laatste dag komen zal. Hoe ernstig zijn we bekommerd om wat God ons voor de eeuwigheid wil schenken? Met hoeveel overgave leggen we beslag op de hoop die het evangelie ons heeft gebracht? “Strijdt om in te gaan door de enge poort, want velen, zeg Ik u, zullen trachten in te gaan, doch het niet kunnen” (Lucas 13:24).
De wereld zucht onder de vloek die de zonde heeft gebracht. Ze is letterlijk overspoeld van de zonde, vol gewelddadigheid en verderf zoals het was in de dagen van Noach. En toch zijn er velen die in deze beangstigende tijden zich in slaap laten sussen. Zij halen hun schouders op voor wat Christus hen wil schenken. Bevrediging van de eigen verlangens en daar ongestoord mee kunnen doorgaan, is belangrijker dan alle heerlijkheid die de eeuwigheid met God heeft te bieden. Is dit niet dwaas? Velen roemen in deze dwaasheid en hun zogezegd onafhankelijk denken. Zij beseffen niet dat dit hen leidt naar een volkomen onverschilligheid voor alles wat eeuwige waarde heeft.
Christus spreekt vandaag tot u en zegt, “geef mij uw hart.” Elke dag dat we daar niet op ingaan, wordt ons hart harder tot op het moment dat er niets meer in doordringt.
Wanneer wij gehoor geven aan Zijn stem, krijgen wij deel aan Zijn heerlijke beloften die vast staan als een rots. Wij krijgen van Hem een leven dat nooit vergaat en steeds heerlijker wordt naarmate we Hem beter leren kennen. We zullen een eeuwigheid van onuitsprekelijke vreugde en vrede missen wanneer we Zijn stem negeren.
Wanneer u Zijn stem hoort, verhardt dan uw hart niet, zodat u deel mag hebben aan het heerlijke leven dat alleen Christus kan schenken.
