Mijn
brief aan u
Beste leden en
lezers,
Wanneer we met het oog van deze
wereld naar de gebeurtenissen van vandaag kijken, zullen we
de vraag stellen waarover wij ons kunnen verheugen. Kranten
staan vol met oorlogsgeweld, agressie, pervers menselijk
handelen, onbegrijpelijke daden... En het is mogelijk dat u
zich afvraagt wat we daar aan positiefs kunnen in
terugvinden ? We kunnen proberen een beeld te scheppen van
de actualiteiten, alle barbaarse praktijken op een rijtje
zetten, en daardoor onze innerlijke mens doen sidderen en
beven... en wat hebben we dan bereikt ?
Oorlogsgeweld is nooit de bedoeling geweest. Gods plan was
een vredig en harmonieus samengaan van de mens in een
immens machtige en mooie natuur. De poort tot die
paradijselijke conditie is gesloten. De wereld van vandaag
is ver van dat paradijs. Maar er zijn in de natuur nog
machtige weerspiegelingen in het natuurleven en in de
natuurlijke voeding. Er is nog schoonheid en tot de
verbeelding sprekende harmonie.
Als er één moment van het jaar is, waarop die schoonheid
van de natuur - ook vandaag nog - zo duidelijk is, dan is
het zeker in de lente : vindt u het niet bijzonder, als u
de aarde ziet opengaan, als bloemen en planten zich door de
harde en koude grond priemen en blad en bloem openplooien ?
Woorden schieten tekort om deze wonderen te beschrijven,
laat staan om ze te verstaan, maar laten we dan op zijn
minst onze ogen goed de kost geven. De lente is voor mij
een vooruitblik naar de tijd waarop alles naar zijn
bedoeling zal worden hersteld, de tijd dat negatief denken
zal ophouden te bestaan, en daarmee ook iedere negatieve
handeling.
Wanneer men met gezondheid en ziekte bezig is, verlangt men
waarschijnlijk niets liever, dan dat ziekte en dood zullen
ophouden te bestaan. En dié tijd is op handen. We hebben
allen de uitdrukkelijke belofte dat die tijd komt, en dat
van alles wat goed was, niets verloren zou gaan. Tussen het
leven van nu en dat van straks; tussen de wereld van
verderf en kwaad opzet en die wereld van schoonheid en
onvergankelijkheid staat onze Heer Jezus Christus, als de
poort tot het leven.
Onderweg doorheen het leven komen we zeker tot de
vaststelling dat ook ons eigen leven niet zuiver is en dat
wij schuld op ons hebben geladen, dat wij deel hebben aan
de negatieve feiten die in deze wereld plaatsvinden - al
was het maar bij gebrek aan positief engagement - en dit
schuldgevoel kan zwaar doorwegen. Het positieve is, dat
Jezus Christus hier op aarde is geweest, met de bedoeling
het bewijs te leveren dat leven zonder zonde mogelijk is.
In die zondeloosheid is hij een voorbeeld van positivisme
geweest en ging niet één klacht van zijn lippen. Toen de
beulen Hem sloegen, de soldaten de nagels door zijn handen
en voeten sloegen, toen de pijn Hem kwelde en Hij het leven
uit zijn lichaam voelde wegtrekken, was zijn grootste pijn
de mensheid aan zijn voeten. Bij de spottende blikken, de
sensatiezoekers van toen en nu, zij die niets van dat alles
wilden missen... waren Jezus’ gedachten vol
bekommernis : “Vader vergeef het hun, want ze weten
niet wat ze doen...”
Indien wij zouden weten wat we doén, zou ook ons leven er
heel anders uitzien. Indien elk van ons zich ten volle zou
vereenzelvigen met Gods bedoeling, biddend dat God ons zou
bekend maken wat Hij wil dat wij doen, biddend “dat
zijn wil mocht geschieden” en wij ons als gewillige
instrumenten in zijn hand zopuden laten gebruiken, zou de
Hemel niet ver van de aarde zijn. Onze ogen zouden andere
dingen zien. We zouden net als God op zoek gaan naar wat
verloren dreigt te gaan...
Het is goed nieuws dat God ons aanbiedt om de tranen te
drogen, de schuld te vergeven, de prijs te betalen.
De laatste kreet aan het kruis “het is
volbracht” klinkt doorheen alle tijden. En nadat wij
herinnerd worden aan deze overwinning, gaan de bloemen
bloeien, het land kleedt zich met het mooiste groen,
opgefleurd door een machtige bloemenzee.
“Kon het maar altijd zo blijven”, hoor ik dan
mensen zeggen. Maar dit alles is maar een weerspiegeling
hoe broos ons leventje is en hoe ook onze bloem van de boom
wordt gewaaid in de stormen van het leven. Het leven op
deze aarde is de leerschool van het loslaten. In de Bijbel
wordt dit leven weerspiegeld in de weg die Israel af te
leggen had tussen Egypte en het Beloofde Land.
Mozes kon niet in het Beloofde Land binnengaan, omdat Hij
teleurgesteld zou geweest zijn over de mensen. Hij zou
teleurgesteld geweest zijn over het feit dat het aardse
‘Beloofde Land’ zo ver van het hemelse
‘Beloofde Land’ verwijderd was. Wie kijkt naar
mensen is dikwijls teleurgesteld, en zo is de beste raad om
dat niet teveel te doen. Laten we kijken naar Jezus die in
alles ons is voorgegaan, die geleden heeft zoals wij en
voor wie het contrast tussen zijn hemels leven in
heerlijkheid en zijn aardse leven zo groot moet geweest
zijn, dat wij dergelijke daad nooit op zijn volle waarde
kunnen schatten.
Laten we leren het goede zien. Laten we ons bezighouden met
wat onze aandacht verdient : vredezaaiers, vreugdezaaiers,
brengers van goed nieuws ! Daar heeft onze wereld nood aan.
Goed nieuws maakt het leven lichter, blijer, zonniger. Goed
nieuws doet bloemen uit de aarde opkomen, waar anders maar
doornen en distels zouden groeien.
Christelijk leven is de taal van de liefde leren, het
barbarisme dat dikwijls nog in het diepste van ons hart
leeft, ompolen naar een milde bewogenheid, naar begrijpen
en vertederd meevoelen...
We kunnen ons dan vereenzelvigen met de prijs die Jezus
heeft betaald... Omdat Hij gegeven heeft, zonder daar iets
voor terug te vragen. Zijn offer is een demonstratie van
Gods grote liefde, die past in zijn plan om zoveel mogelijk
te redden.
Het kruis (en niet de weegschaal) is het teken van het
evangelie. Christus biedt zijn vergeving aan aan zij die
het niet “verdienen”. Voor die vergeving kan
men niets doen, tenzij in gebed God om hulp vragen. Hij kan
van de steen in het hart, een hart van vlees maken. De
harde, ongevoelig of verbitterde mens kan veranderd worden
in een échte mens die meeleeft en meevoelt en iets van
zichzelf wegschenkt aan anderen... en daar zelf nooit armer
van wordt, want geven verrijkt het leven.
God verandert mensen. God maakt alles nieuw, net zoals de
lente een vernieuwing betekent. Niet straks, maar nù. Het
evangelie kijkt niet alleen vooruit. Het wil levende mensen
- ook vandaag - positief ompolen... om instrumenten te
worden van God.
Dat wil deze Goed Nieuws-brief vertellen... God geneest,
God vernieuwt, God geeft raad... Geest en lichaam genieten
van de gaven die God uitdeelt.
Je hoeft het lichaam niet te zien als een
“gevangenis”, maar als een tempel van de geest.
Iedereen die zich buigt over de werking van het lichaam,
moet vaststellen dat het een wonderlijke constructie is,
die goed of slecht is, afhankelijk van wat we ermee doen.
Het is de geest (of de gedachte) die dingen slecht of goed
maken. Daarom moeten wij waakzaam zijn, over wat we in onze
geest brengen. We kunnen niet om het even wat denken, want
gedachten worden daden...
De Bijbel heeft hoge waardering voor het lichaam.
Paulus geeft de aanbeveling om “uw lichamen te
stellen tot een levend, heilig en Gode welgevallig
offer” en vertelt hierover dat het “de
redelijke eredienst is” (Romeinen 12:1). En hij doet
dat vaker. In 1 Kor. 6:20 spreekt hij erover dat we
“God moeten verheerlijken met ons lichaam”.
Ieder onder ons heeft de vraag : hoe vullen we een
dergelijke opdracht ook vandaag in ? Hoe kunnen we ons
lichaam bezien als een “heilige plaats”, waarin
daden, gedachten en verzorging niets afdoen van die
heiligheid ? Vind je dit een goed thema om verder over na
te denken ? Schrijf het ons. Laat ons weten wat je bezig
houdt.... En deel je bekommernis, vragen, of positieve
ervaringen met andere lezers. Hartelijk dank !
De
Goed Nieuws-brief
is een driemaandelijks tijdschrift dat sinds 1993 wordt
uitgegeven door de Levensark (Christelijke Vereniging voor
Natuurlijke Hygiëne). Het tijdschrift onderstreept de
relatie tussen fysieke en geestelijke gezondheid en
persoonlijke verantwoordelijkheid.